Back

OPGELET “E-COMMERCE” HANDELAARS: VERPLICHTE OPNAME HYPERLINK EUROPEES ONLINE GESCHILLENBESLECHTING PLATFORM (“ODR-PLATFORM”)

 
PUBLICATION

OPGELET “E-COMMERCE” HANDELAARS: VERPLICHTE OPNAME HYPERLINK EUROPEES ONLINE GESCHILLENBESLECHTING PLATFORM (“ODR-PLATFORM”)

Ben Hermans, Frederik Ringoot

Het belang van zowel “e-commerce”, als “buitengerechtelijke geschillenbeslechting” is de laatste maanden in België in aanzienlijke mate aan het toenemen. Het Europese ODR-netwerk (online geschillenbeslechting) dat op 15 februari 2016 wordt opengesteld voor consumenten en handelaars, is hiervan een treffend voorbeeld. “E-commerce handelaars”, zoals webshops, dienen echter nu reeds bepaalde nieuwe informatieverplichtingen na te leven!

 

Op het vlak van buitengerechtelijke geschilbehandeling is België, onder impuls van de gerechtelijke achterstand, een goede leerling gebleken in de Europese klas. Zo werd, op 1 januari 2015, de Europese richtlijn inzake “Alternative Dispute Resolution” (ADR) correct omgezet in de Belgische wetgeving. De bepalingen uit de richtlijn werden meer bepaald opgenomen in boek XVI van het nieuwe Wetboek Economisch Recht.

 

Daarbij dient opgemerkt te worden, dat ook voor geschillen tussen handelaren zelf uiteraard reeds de mogelijkheid bestaat om een buitengerechtelijke geschillenbeslechting na te streven. Het “Belmed-platform” (toegankelijk via de link: www.belmed.fgov.be), waar alle nodige informatie wordt verzameld voor buitengerechtelijke geschillenbeslechting, werd inmiddels tevens opengesteld voor B2B-geschillen (geschillen tussen handelaars onderling).

 

De ADR-richtlijn werd voornamelijk ingevoerd om consumenten en verkopers de mogelijkheid te verschaffen om geschillen op een snelle en eenvoudige manier te beslechten. Gelet op de gerechtelijke achterstand die voor sommige geschillen zeer voelbaar is bij de (o.a. Brusselse) rechtbanken, lijkt het evident dat de buitengerechtelijke geschilbehandeling (of Alternative Dispute Resolution, ADR) ook in de toekomst verder aan terrein zal blijven winnen.

 

De Nederlandstalige rechtbank van koophandel te Brussel blijft echter niet bij de pakken zitten. Zo ging op 1 januari 2016 een pilootproject van start, waar de mogelijkheid wordt verschaft om zaken op de inleidingszitting door te sturen naar een “bemiddelingskamer” (kamer 1e bis) op initiatief van de advocaten van partijen of de rechtbank zelf. Opzet hierbij is om ook de geschillenbeslechting via de “klassieke” gerechtelijke weg, in belangrijke mate te stroomlijnen.

 

Op de “e-commerce markt” zelf blijft België echter wat achter de feiten aanlopen. Sinds deze legislatuur worden weliswaar verscheidene acties ondernomen om het aandeel van Belgische spelers op de e-commerce markt te vergroten (denk aan de CAO’s voor nachtwerk in de sector, de verscheidene promotiecampagnes,…). Daar waar momenteel Nederlandse en Duitse spelers de markt inpalmen, lijken Belgische handelaren nu pas mondjesmaat op de kar te springen. Een exponentiële toename van het marktaandeel van Belgische spelers op de markt zal nodig blijken om niet-Europese spelers, zoals “alibaba.com” (website van een Chinese onderneming), van antwoord te kunnen dienen.

 

Op 9 januari 2016 werd het Online Dispute Resolution (ODR) platform online geplaatst (ingevolge het inwerkingtreden van de ODR Verordening), specifiek gericht op grensoverschrijdende verkopen via internet. Dit ODR-platform werd gelanceerd om tegemoet te komen aan de groeipijnen die gepaard gaan met de internationale internetverkoop. Het vertrouwen van de consument om - ook grensoverschrijdend - aankopen via het internet te verrichten, dient immers versterkt te worden door het voorzien van een duidelijk aanspreekpunt in de taal van de consument in geval van betwisting.

 

Het vertrouwen dat door dit platform bij consumenten opgewekt wordt, kan een noodzakelijke duw in de rug betekenen voor Europese “e-commerce handelaars”, om de concurrentie met ondernemingen in niet-lidstaten aan te gaan.

 

Hoewel het platform reeds operationeel is, zal het slechts toegankelijk worden gesteld voor handelaars en consumenten op 15 februari 2016 via een interactieve website van de Europese Unie, die via de volgende link kan geraadpleegd worden: http://ec.europa.eu/odr/. De procedure verloopt in grote lijnen als volgt:

  • De klager (dit is ofwel een consument, ofwel een ondernemer) moet via het ODR-platform een elektronisch klachtenformulier invullen. Het volledig ingevuld klachtenformulier wordt vervolgens doorgestuurd naar de geadresseerde.
  • Wanneer partijen overeenstemming hebben bereikt over een ADR-entiteit, stuurt het ODR-platform de klacht automatisch en onmiddellijk door. De lijst van ADR entiteiten wordt ter beschikking gesteld op het platform. De gekozen entiteit moet de partijen vervolgens meedelen of zij de klacht al dan niet zal behandelen. Indien dit het geval is, deelt zij de kosten en voorschriften van de procedure mee aan de betrokken partijen.
  • Indien de ADR-entiteit het geschil vervolgens behandelt, dan moet zij dit doen binnen de termijn van 90 kalenderdagen zoals voorzien in de ADR-richtlijn en mag zij van partijen niet verlangen dat zij in persoon aanwezig zijn. De procedure verloopt dus integraal online.
  • Na afloop van de procedure dient zij feedback te geven aan het ODR-platform. Zo dient zij de volgende gegevens mee te delen: het voorwerp van het geschil, binnen welke tijdspanne zij de procedure heeft afgewikkeld en het resultaat ervan.

Belangrijke bemerking hierbij is dat de bemiddeling via het ODR-systeem steeds op vrijwillige basis plaatsvindt. Bij weigering van de consument of de verkoper om mee te werken, zal het geschil nog steeds beslecht dienen te worden door de rechtbank, waar uw advocaten voor eenvoudige geschillen weliswaar een procedure in korte debatten zullen kunnen bekomen of de zaak zelfs op de inleidingszitting zullen kunnen behandelen.

 

Wel reeds verplicht is de naleving van de informatieverplichtingen, die op “e-commerce handelaars” rust in verband met het ODR-platform. Bovenstaande link naar het platform dient op de website van e-commerce handelaars weergegeven te worden. Hoewel het systeem nog niet operationeel is tot 15 februari 2016, dient dit nu reeds (!) te gebeuren.

 

Bovendien dienen handelaars reeds geruime tijd de informatie-verplichting in artikel 13 ADR-richtlijn na te leven, zoals omgezet in art. XVI.4 WER. Indien een handelaar immers alsnog verplicht is (op basis van een specifieke bepaling of gedragscode) om via een buitengerechtelijke weg geschillen te behandelen, dient deze de contactgegevens en het adres van de website van de betrokken gekwalificeerde entiteit steeds te vermelden. Deze inlichtingen dienen hernomen te worden op de website en in de algemene verkoopsvoorwaarden van de onderneming. De inlichtingen worden bovendien schriftelijk of op een andere duurzame gegevensdrager verstrekt.

 

Handelaars, die - voor 9 januari 2016 - niet aan een dergelijke verplichting onderworpen waren, zijn er nu dus alsnog toe gehouden de informatieverplichting na te leven uit de ODR-Verordening.

 

Belangrijk om te onthouden is dus dat alle “e-commerce handelaars” voortaan de link naar het ODR-platform (http://ec.europa.eu/odr/) en hun e-mailadres dienen weer te geven op de volgende locaties:

 

  • De website van de handelaar;
  • E-mails waarin reclame en offertes worden verstuurd naar consumenten;
  • Algemene voorwaarden met betrekking tot online verkoops- en dienstenovereenkomsten.