Back

Vereffening van vennootschappen

 
PUBLICATION

Vereffening van vennootschappen

Damian Brodzinski

1.      Inleiding

 

De procedure van de vereffening van vennootschappen buiten faillissement bestaat uit twee luiken, namelijk het luik van de ontbinding van de vennootschap en het luik van de daadwerkelijke vereffening. De algemene vergadering dient te beslissen om de vennootschap eerst te ontbinden, en vervolgens, beslist zij om over te gaan tot de vereffening en stelt zij een vereffenaar aan. Deze bijdrage levert een overzicht van de te volgen procedure.

 

2.     Ontbinding van de vennootschap

 

De vrijwillige ontbinding is de ontbinding waartoe wordt besloten door de algemene vergadering op enig moment na de oprichting van de vennootschap. Opdat de algemene vergadering met kennis van zaken hieromtrent kan beslissen, dient het bestuursorgaan van de vennootschap het voorstel tot ontbinding toe te lichten in een verslag. Dit wordt vermeld op de agenda van de algemene vergadering die zich over de ontbinding dient uit te spreken. Het verslag dient vergezeld te worden van een staat van activa en passiva die niet meer dan drie maanden voordien is opgesteld alsmede van een verslag van de revisor of accountant over deze staat.

 

Artikel 181 van het Wetboek Vennootschappen legt een zware sanctie op voor het ontbreken van zulk verslag, met name de nietigheid van de beslissing van de algemene vergadering. De ratio legis hiervan is de algemene vergadering de mogelijkheid te bieden om met kennis van zaken te oordelen over de ontbinding en vereffening. De algemene vergadering kan slechts geldig beslissen om over te gaan tot de ontbinding indien op deze algemene vergadering de aanwezige vennoten minstens de helft van het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigen en drie vierden van de aanwezige vennoten voor de ontbinding stemt.

 

Deze beslissing van de algemene vergadering dient bij authentieke akte te worden opgesteld en te worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

 

3.     Vereffening van de vennootschap

 

De hoofddoelstelling van de Wet van 2 juni 2006, met inwerkingtreding op 6 juli 2006, is het tegengaan van misbruiken van de vereffeningprocedure. Vaak werd de procedure van de vereffening aangewend om een nakend faillissement af te wenden, en dit met het oog op de tegeldemaking van de activa van de vennootschap, zonder enige rechterlijke controle. De meest ingrijpende nieuwigheid van deze wet is de rechterlijke homologatie van de benoeming van de vereffenaar.

 

3.1     Benoeming van de vereffenaar

 

3.1.1   Benoeming door de algemene vergadering

 

Tijdens de algemene vergadering die tot de ontbinding van de vennootschap besluit, dient eveneens de vereffenaar te worden aangesteld. De aanstelling van de vereffenaar gebeurt bij gewone meerderheid van stemmen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat het nuttig is om in een bepaalde rangorde verschillende vereffenaars te benoemen. Immers, de aanstelling van de vereffenaar dient door de rechtbak bekrachtigd (gehomologeerd) te worden en indien de rechtbank negatief oordeelt omtrent de eerste vereffenaar, kan zij nog steeds de tweede of derde vereffenaar benoemen, hetgeen uiteraard kostbare tijd zal besparen. Indien er slechts één vereffenaar wordt aangesteld, en de rechtbank weigert de aanstelling te bekrachtigen, kan de rechtbank bovendien een alternatieve vereffenaar benoemen, hetgeen niet altijd wenselijk is voor de betrokken vennootschap.

 

3.1.2   Benoeming door de rechtbank (homologatie)

 

Wanneer een vereffenaar werd aangesteld door de algemene vergadering, dient de vennootschap middels een eenzijdig verzoekschrift de rechtbank te verzoeken om de aanstelling van de vereffenaar te bekrachtigen (artikel 184 Wetboek Vennootschappen). De bevoegde rechtbank is deze van het arrondissement waar de vennootschapszetel is gelegen. De vereffenaar treedt pas in functie nadat de rechtbank van koophandel is overgegaan tot deze homologatie.

 

Deze bekrachtiging door de rechtbank is van groot belang, aangezien de wet voorziet dat de authentieke akte houdende de beslissing tot ontbinding en vereffening enkel ter griffie kan worden neergelegd indien zij is vergezeld van een afschrift van de homologatie. Door neerlegging van het dossier ter griffie wordt de vereffening tegenwerpelijk aan derden.

 

3.1.3   Eenzijdig verzoekschrift dient vergezeld te worden van relevante stukken

 

Wanneer de rechtbank verzocht wordt om de benoeming van de vereffenaar te homologeren bij éénzijdig verzoekschrift, dient dit verzoekschrift vergezeld te worden van relevante stukken. De praktijk leert ons dat de verscheidene rechtbanken van koophandel niet steeds dezelfde stukken vereisen. De rechtbanken van koophandel van Hasselt en Tongeren, vereisen de volgende stukken toegevoegd bij het éénzijdig verzoekschrift:

  • De staat van activa en passiva, vergezeld van het verslag van de revisor of accountant hieromtrent. Het betreft de staat bijgevoegd aan het verslag van het bestuursorgaan dat voorgelegd wordt aan de algemene vergadering;
  • De laatste gecoördineerde statuten van de vennootschap;
  • De notariële akte houdende de beslissing tot ontbinding en invereffeningstelling van de vennootschap, met hierin begrepen de beslissing tot benoeming van de vereffenaar;
  • Verklaring op eer van de vereffenaar, origineel ondertekend door de vereffenaar;
  • Een kopie van het identiteitsbewijs van de vertegenwoordiger van de vennootschap, zijnde van de zaakvoerder voor een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid of een bestuurder voor een naamloze vennootschap.

 

De rechtbank van koophandel dient vervolgens binnen 24uur uitspraak te doen omtrent de aanstelling van de vereffenaar.

 

3.2     Opdracht van de vereffenaar

 

3.2.1   Algemeen

 

De vereffenaar is een orgaan van de vennootschap in vereffening. De vereffenaar bezit derhalve bestuurs- en vertegenwoordigingsbevoegdheden waarvan de rechtsgevolgen van zijn handelingen rechtstreeks worden toegerekend aan de vennootschap. Concreet dient de vereffenaar de activa en passiva van de vennootschap samen te stellen, waarbij de vereffenaar weliswaar voor enkele rechtshandelingen de  machtiging van de algemene vergadering nodig heeft.

3.2.2   Omstandige staat

 

Nadat de vereffenaar is benoemd, dient deze in de zesde en de twaalfde maand van het eerste vereffeningsjaar een omstandige staat van de toestand van de vereffening over te maken aan de griffie van de rechtbank van koophandel. De datum dewelke als uitgangspunt hiervoor dient genomen te worden is de datum van de akte van de ontbinding en aanstelling van de vereffenaar. Deze staat dient ondermeer de ontvangsten, uitgaven en uitkeringen te vermelden alsmede al hetgeen nog vereffend dient te worden. Bovendien moet in deze staat worden vermeld waarom de vereffening nog niet is voltooid. Vanaf het tweede vereffeningsjaar wordt deze omstandige staat slechts één keer per jaar neergelegd.

 

3.2.3   Jaarrekening neerleggen

 

Naast deze omstandige staat, dient de vereffenaar ieder jaar de jaarrekening voor te leggen aan de algemene vergadering, met hierin eveneens de melding van de reden waarom de vereffening niet is afgesloten. Opvallend hierbij is het gegeven dat deze jaarrekening niet dient goedgekeurd te worden door de algemene vergadering. De vereffenaar dient deze enkel en alleen voor te leggen opdat de algemene vergadering hiervan kennis kan nemen.

 

3.2.4   Opstellen van een plan van verdeling

 

Vooraleer de vereffenaar de vereffening kan afsluiten, dient de vereffenaar een plan van verdeling van activa onder de verschillende schuldeisers voor akkoord voor te leggen aan de rechtbank van koophandel. De rechtbank kan van de vereffenaar alle dienstige informatie inwinnen om de geldigheid en juistheid van het vereffeningsplan na te gaan.

 

Zolang de rechtbank haar akkoord hieromtrent niet heeft gegeven, kan de vereffening niet afgesloten worden. Het vereffeningsplan alsmede het akkoordvonnis dienen niet gepubliceerd te worden.

 

3.2.5   Neerleggen van de stukken en rekeningen

 

Na afloop van de vereffening en tenminste 1 maand voor de algemene vergadering, legt de vereffenaar de rekeningen en stukken neer op de zetel, en dit met het oog op de controleplicht door de commissaris of desgevallend door de vennoten zelf. Immers, de algemene vergadering dient eveneens het plan van verdeling en vereffening goed te keuren. Het uittreksel van het besluit om over te gaan tot afsluiting van de vereffening dient gepubliceerd te worden in het Belgisch Staatsblad.

 

4.     Besluit

 

De ontbinding en vereffening van de vennootschap omhelst een welbepaalde, specifiek te volgen procedure, waarbij de rechtbank van koophandel, sinds de Wet van 2 juni 2006, nauw betrokken is. Het uitgangspunt hiervoor is ervoor te vermijden dat de vereffenaar ‘naar believen' optreedt, zonder enige vorm van controle. Deze bijdrage wenst een overzicht te bieden van de diverse stappen dewelke dienen ondernomen te worden zowel door het bestuursorgaan als door de vereffenaar, teneinde vennootschappen ( en hun zaakvoerders of bestuurders) toe te laten op een correcte en voldoende spoedige wijze over te gaan tot de vereffening.